Koen Vanmechelen: ‘Kunst moet de wereld beter maken’

0
524

Labiomista. Zo heet het nieuwe atelier van beeldend kunstenaar Koen Vanmechelen. Die naam – de mix van het leven – staat voor zijn allesomvattend kunstconcept. Koen Vanmechelen gelooft dat kunst de wereld beter moet maken. Voor hem brengt ze wetenschap, economie en zingeving samen in een groots humanitair project. Met de passie van het leven zelf vertelt hij hoe zijn werk tot stand komt, over diversiteit en identiteit, eindigheid en eeuwigheid. Alles begon met de kip, of was het met het ei? Een extra lang kerstinterview.

Wat houdt jou uit je slaap?

Waar ik van wakker lig? Als mensen die leiderschap opnemen hun engagement tegenover de maatschappij verliezen en zichzelf bijna een vrijgeleide geven om de ander niet meer graag te zien. Ik denk dat dat een van de gevaarlijkste kantelmomenten is die we vandaag beleven. Het is een van onze grootste uitdagingen om daaraan niet toe te geven. Daarom is het zo belangrijk dat we onze leiders goed kiezen en dat onze democratie het toelaat om dat te doen.

Vandaag zien we overal een opstand van plaatselijke gemeenschappen. Als ik dat ontrafel en ernaar kijk, begrijp ik dat wel. Er is een soort globale wereld ontstaan waarnaar de lokale mensen kijken en zeggen: ‘Waar staan wij? Het was toch met onze producten, met onze werkkracht, onze verfijning en onze ideeën dat die globalisering er gekomen is?’ Dan krijg je die automatische reactie waarin het establishment weggeveegd wordt omdat het zich zolang boven het volk heeft gezet. Per definitie krijg je dan de verkeerde leider omdat het ongenoegen in een radicale vorm naar boven komt. Daarmee worden wij vandaag geconfronteerd.

Het globale bestaat alleen maar dankzij de generositeit van het lokale.

Ik hoop dat we op een of andere manier dat evenwicht terugvinden tussen de helikopter-view van het globale denken en het respect voor het lokale. Het globale bestaat namelijk alleen maar dankzij de generositeit van het lokale. Dat zou vandaag elke politicus moeten beseffen. Als hij dat niet begrijpt, heeft hij niet het engagement om een wereld of een land te kunnen leiden.

Welke ervaringen uit jouw kindertijd en jeugd hebben jou bepaald?

Het nest waarin ik geboren ben, heeft heel sterk bepaald wie ik ben. Ik kom uit een gezin met een vader die filosoof, kunstenaar en classicus is en een moeder die mode-ontwerpster is. Zo heb ik een mengelmoes van esthetiek en inhoud meegekregen.

Heel sterk voor mij is een uitspraak van mijn vader: ‘Visie is belangrijk. Als je kunst maakt en er is geen visie, heb je een probleem. Je visie moet de techniek overstijgen.’ Dat wil niet zeggen dat je de techniek niet moet kennen, wel dat de visie de techniek moet overschrijden. Als iemand je zegt: ‘Dat stelletje waar je werk op staat, is heel goed gemaakt,’ dan heb je een probleem. Dat zijn dingen die mij heel erg bepaald hebben. Ook het atelier van mijn vader en moeder. Zij maakten hun werken binnenshuis en ik droeg die werken van binnen naar buiten.

Ik heb altijd op het juiste ogenblik de juiste mensen ontmoet die mij de kracht gaven om te kunnen doen wat ik te doen heb.

Ook mijn vrouw is heel belangrijk. Zij heeft van in het begin gezegd: ‘Ik voel dat vrijheid voor jou het allerbelangrijkste is.’ Ik ben niet gekist in een structuur. Dat vond ik heel groots van haar. Ik herinner mij het moment waarop ze mij in Venetië een contract aanboden om mijn werk te dupliceren en op verschillende plaatsen te verkopen. Ze voorzagen een gigantisch bedrag. Maar ik ‘voelde’ het niet, ik ervaarde het niet als mijn weg. Mijn vrouw zei toen zonder enige twijfel: ‘Natuurlijk is dat niet jouw weg.’ Dat zijn momenten van liefde. Dat is zeggen: ‘Ik vind het eigenlijk goed hoe je bent. Ik vind het niet oké als je jezelf zou veranderen.’ Intussen stond onze kelder wel een meter onder water. Om maar iets te zeggen. En we hadden geen glas tussen mijn atelier en onze living.

Ik werkte in die tijd nog als kok in een sterrenrestaurant en stond tot veertien uur per dag in de keuken. Regelmatig zocht ik tussen de paletten naar hout. Ik klopte de nagels recht om met die planken toch iets te bouwen waarvan ik vond dat dat waardevol was. Ik denk dat mijn hele leven zo opgebouwd is rond mijn werk. Ik heb altijd op het juiste ogenblik de juiste mensen ontmoet die mij de kracht gaven om te kunnen doen wat ik te doen heb.

Was het als kind al jouw droom om kunstenaar te worden?

Dat is een hele moeilijke vraag. Ik denk namelijk dat je als kunstenaar geboren wordt. Ik denk dat er altijd een stemmetje in jou is dat zegt: ‘Dat ga je doen!’ Hoe bewuster je van die innerlijke stem wordt, hoe duidelijker het wordt dat je kunstenaar bent.

Ik vond altijd dat ik eerst de maatschappij moest dienen vooraleer de maatschappij mij zou ondersteunen.

Ik heb het altijd belangrijk gevonden dat ik in de kunst de vrijheid heb om te maken wat ik denk dat ik moet maken. Om dat mogelijk te maken, heb ik eerst een job uitgeoefend om te overleven: ik ben kok van opleiding. Mijn filosofie was: ‘Ik kan er niet van uitgaan dat de maatschappij mij als kunstenaar betaalt of draagt.’ Ik vond altijd dat ik eerst de maatschappij moest dienen vooraleer de maatschappij mij zou ondersteunen. Dat is een verschillend uitgangspunt. Het zegt dat je eerst moet dienen om je daarna te ontplooien. Ik denk dat dat juist is.

Koen Vanmechelen werd wereldberoemd met zijn Cosmopolitan Chicken Project © Koen Vanmechelen

In de periode toen ik in de keuken stond, heb ik gigantisch veel geleerd over wat ik vandaag doe. Daarom beschouw ik mezelf als een kunstenaar die volledig vrij denkt van alle disciplines. Ik denk niet dat ik ooit een kosmopolitische kip had kunnen kweken als kunstwerk als ik een andere weg had gelopen. Dat kippenconcept was een speciaal momentum, je ontdekt dat je ergens een oorsprong gevonden hebt die een verbinding maakt tussen alle factoren waarin je geleefd hebt. Het voelde als een nestbouw waarin ineens alle eieren uitkomen.

Het is dus de passie die je altijd maar verder drijft…

Ja, maar ook de verantwoordelijkheid en het engagement. Je bent als kunstenaar verantwoordelijk omdat je een stem hebt. Daarom doe ik ook projecten met kinderen om aandacht te vragen voor hun rechten. Onze CosmoGolem-projecten lopen nu op veertig plaatsen in de wereld. Daar motiveren we kinderen om hun eigen creativiteit te voelen en er iets mee te doen.

Cosmogolem, Future of Hope, Harare (Zimbabwe), 2015 © Koen Vanmechelen

Iedereen wordt geboren met een stem, maar tijdens je leven moet je je eigen taal ontwikkelen. Dat is de grootste verantwoordelijkheid die je hebt in de wereld, want het is op die manier dat anderen je verstaan of verkeerd begrijpen.

Wat is voor jou de zin van het leven?

De zin van het leven voor mij is dat je de kans hebt om over iets na te denken. Waarschijnlijk is dat het ‘juweel’ dat je kunt dragen. Kunnen nadenken over de impulsen die de wereld je biedt, is zeer belangrijk.

Elk moment kun je beleven als een gratis moment.

Als je het venster waardoor je naar de wereld kijkt, kunt ervaren als een cadeau, is dat heel mooi. Elk moment kun je beleven als een gratis moment. Als je daarop dan ook nog je eigen visie mag projecteren, is dat volgens mij het meest zinvolle van het bestaan.

Waar haal je jouw inspiratie vandaan?

Ik wandel heel veel over de wereld en doe zo heel veel indrukken op. Soms zijn dat leuke momenten, maar niet altijd. Ik werk heel veel in Afrika en ben net terug van Ethiopië. Dat was heftig.

Koen in gesprek met Masai in Tanzania © Koen Vanmechelen, Photo by Eliza Deacon.

Ook in India word je geconfronteerd met de extreme armoede waarin mensen leven.

Je stapelt die ervaringen emotioneel ergens op, maar je weet niet waar dat precies zit.

Dat doet iets me je. Je stapelt die ervaringen emotioneel ergens op, maar je weet niet waar dat precies zit. Als je midden in de meditatie van het creëren van een werk zit, spreek je op één of andere manier die bron opnieuw aan. Vanuit die bron creëer je.

In heel jouw werk speelt het thema van begrenzen en verbinden een belangrijke rol. Alleen al de plaats van dit gebouw laat dat zien: je zit met Labiomista aan de rand van het platteland en de stad. Je spreekt van het verschil en de verbinding tussen mens en dier, van het kruisen van dieren. Vanwaar die fascinatie voor grenzen en verbindingen?

Het kantelpunt van een creatie komt altijd uit het onverwachte moment. Dat ogenblik ligt in de verbinding, in de ontmoeting. Soms schudt een ontmoeting je wakker. Er wordt iets geactiveerd dat je nooit verwacht had. Het is zo’n beetje als passie. Passie brengt je voorbij je grens. Dan voel je dat je toeschouwer geworden bent van wat je aan het maken bent.

Je ziet jezelf dus bezig?

Ja, je bent toeschouwer geworden. Ik denk dat ieder kunstenaar dat gevoel herkent. Telkens krijg je een onverwacht moment. Plots brengt je dat naar de plaats waar je moet zijn. Dan komt de grote discussie: ben jij het die de plaats kiest of is het de plaats die jou kiest?

Wat zou je daarop antwoorden?

Ik zou antwoorden dat het de plaats is die jou kiest. Ik weet heel goed dat het misschien ook andersom kan zijn, maar toch heb ik een gevoel van onvermijdelijkheid wanneer sterke dingen samenkomen. Toeval is dan geen toeval.

Ik heb een gevoel van onvermijdelijkheid wanneer sterke dingen samenkomen.

Je ervaart dat als ‘Ik kom thuis’ of ‘Hier ben ik ooit geweest.’ Dat zijn de diepe gevoelens waarmee een kunstenaar altijd worstelt. Dat is een heel onbewaakt moment.

Zou je dat omschrijven als een soort spiritualiteit?

Ja, ik denk dat we daar allemaal massaal naar op zoek zijn. Vandaag zoeken we naar orde in de chaos. We proberen nieuwe evenwichten te creëren en het spirituele en rationele terug op elkaar af te stemmen. Dat voel ik bij de jonge generatie heel sterk.

Kunst is niet vrijblijvend voor jou, je verbindt die ook met wereldverbetering. Je reist naar Afrika en zet allerlei projecten op. Jouw kunst zoekt verbinding met wetenschap en onderzoek. Je hebt niet alleen rond de kip, maar ook rond de lama en de kameel een heleboel boeiende kruisverbanden gevonden. Wat heeft jou zo gedreven in dat engagement?

Die gedrevenheid is eigen aan het beestje. Daar kan ik weinig aan veranderen. Ik heb van in het begin aangevoeld dat als ik tot een ontdekking kwam – kunst is voor mij een ontdekking, een gift – ik hiermee foundations moest oprichten. Waarom? Omdat gedachtegoed altijd groter is dan jezelf. Daarom moet je bescheiden zijn. Als je dat niet bent, kan de kracht van kunst heel makkelijk een machtsontwikkeling worden. Ik vrees dat we dan in een heel gevaarlijk forum terecht komen. Daarom neem ik afstand van de grote gedachte en richt ik onmiddellijk foundations op. Daarin roep ik verschillende beroepen van de wereld bij elkaar om na te denken over het concept. Zij kunnen vanuit hun positie een hele grote meerwaarde betekenen.

Gedachtegoed is altijd groter dan jezelf. Daarom moet je bescheiden zijn.

Denk bijvoorbeeld aan het Cosmopolitan Chicken Project. Dat is een kruisingsproject van verschillende kippen van over heel de wereld. In de opbouw van zo’n project gaat het ook over grote wereldproblemen. Dat willen we zichtbaar maken via een museum of een cultureel centrum. Tegelijk is het project ook een vraagstuk voor onze wetenschap, voor biologie, sociologie en filosofie.

Symbiosis, 2011, Selective Laser Sintering (polyamide), stone, stainless steel, 50 x 25 x 25 cm, Leaving Paradise, Connersmith, Washington (USA), 2013 © Koen Vanmechelen

We zijn altijd blijven doorgaan met ons kruisingsproject, ook al had de buitenwereld soms kritiek. Toch heeft onze kosmopolitische kip nu na tweeëntwintig jaar een DNA van 13 miljoen. Dat is drie keer zoveel als een kip die je in de supermarkt vindt. Die bevinding vraagt om een sociologisch luik. Als je dat engagement en die verbinding met de maatschappij vergeet, heb je je kennis niet juist gestockeerd.

Je bouwt kunst op een heel realistische manier uit. Je houdt namelijk ook rekening met de economische werkelijkheid, je maakt er een totaalproject van en creëert een heel concept van de wereld. Waarom?

Omdat ik denk dat kunst uiteindelijk eindigt in een universeel gedachtegoed. Dat begint individueel met een kleine jongen die gefascineerd raakt door de natuur. Hij kijkt in de broedkast en ziet hoe een ei barst, hoe een derde van dat ei lucht wordt. Hij ziet de spanning en het conflict in het kuiken om de lucht te kunnen pakken, om de juiste hoek van het ei te breken om zo geboren te worden. Dat is kinderlijke verwondering in fase één.

Daarin rijpt een belangrijk gedachtegoed: hoe breek je uit je eigen omgeving en word je nieuwsgierig naar de buitenwereld? Dat kuiken dat uit het ei kruipt, heb ik verbonden met de spaceshuttle die naar de ruimte gaat. Die moet ook de juiste hoek vinden om de eigen schelp te breken en een nieuwe ontdekking in te zetten.

Naar die fase werk ik toe als kunstenaar: dat ik toeschouwer kan worden van mijn eigen werk. Ik ken zelf niet de uitkomst van mijn werk als ik eraan begin.

Als die fase van je individuele ontwikkeling een beetje rijper wordt, kom je in de fase waarin je geïnteresseerd raakt in de ander: wat gebeurt er in de wereld? Hoe kan ik mijn individuele visie verbinden met de wereld? Hoe ga je om met de spanning tussen het individuele en het actuele? Hier wordt een gevoeligheid voor de universele dimensie geboren. Het universele is een taal die zowel in als buiten de wereld staat en kan blijven voortleven. Naar die fase werk ik toe als kunstenaar: dat ik toeschouwer kan worden van mijn eigen werk. Ik ken zelf niet de uitkomst van mijn werk als ik eraan begin.

Ging dat ook zo bij jouw kunstwerk van de lama?

Ja, maar dat gaat al een stapje verder. Het begon toen ik de spanning en de verbinding zag tussen het kippenproject en de lama. Thuis hadden we lama’s lopen, naast de kippen. Ik stelde mij toen de vraag: ‘Hoe is het mogelijk dat ik hier lama’s heb lopen?’ Ik ga er namelijk vanuit dat ik nooit zomaar iets doe. Er zit ergens wel iets dat een verbinding oproept.

Ik kwam toen in contact met de universiteit die mij zei: ‘Er is wel iets heel speciaals aan de lama. De lama is een kameelachtige en heeft een dubbel immuunsysteem.’ Toen dacht ik: ‘Aha, dat is heel interessant!’ Wetenschappelijk loopt daar onderzoek naar en er zijn zelfs bedrijven rond opgericht. Lama’s kunnen ons straks misschien helpen om kanker of virussen te bestrijden. Dat was voor mij al onmiddellijk een kracht waarvan ik dacht: ‘Ja, dat klopt!’

Eigenlijk is de kip vandaag één van onze grote medische wonderen. De meeste medicatie heeft een ei als bestanddeel, bijvoorbeeld om verbinding te maken met andere ingrediënten of om bacteriën te kweken. Het genezingspotentieel van het kippenei zag ik helder. Hoe zat dat met de lama? Hoe kunnen de kip en de lama elkaar helpen? Er gingen heel wat jaren overheen, maar ik ben altijd blijven discussiëren over dat thema.

Turbulence, 2016, UV Print on polyester fabric, steel, lights, 600 x 320 cm © Koen Vanmechelen

Tot ik bezoek kreeg van de universiteit van Michigan. Ze zegden: ‘We volgen uw werk al een tijdje. Je praat altijd over de verbinding tussen dat ei en die lama. Het zou wel eens kunnen dat daar een heel grote kracht in zit. Als we op één of andere manier het waardevolle van die lama binnen dat ei kunnen krijgen, kunnen we medicatie maken of op z’n minst een verbetering in gang zetten.’ Zo ontstonden stilaan mijn lama-werken.

Dit hier is wel een heel speciale lama …

In dit werk zie je mijn eerste lama. Ik dood geen enkel dier. Deze lama stierf een natuurlijke dood toen hij ongeveer zeventien jaar oud was. Toen dit werk klaar was, vroeg ik mij af waarom ik hem zo gemaakt heb.

Unicorn, Taxidermy llama, glass, wood, Open University of Diversity Hasselt (BE), 2013 © Koen Vanmechelen, Photo by Philippe van Gelooven

Hij verwijst naar de eenhoorn, naar dat mythisch dier dat de wereld verlaat door uit zijn eigen schelp te breken in de gedachten en de dromen – meestal kinderlijke dromen. Dat is ook de weg naar volwassenheid.

De lama staat hier als een mythisch dier dat met zijn dubbel immuunsysteem een soort van wereldverlosser kan worden.

Als je hier zowel die eenhoorn als die glazen wand ziet, kun je er vanuit gaan dat deze lama als het ware doorheen zijn eigen bestaan gekropen is. De eenhoorn is als het kleine hoorntje dat ieder kuikentje heeft om de eierschaal te breken. De lama staat hier als een mythisch dier dat met zijn dubbel immuunsysteem een soort van wereldverlosser kan worden. Daarom is dat glas zo belangrijk. Neem de twee glazen objecten – de eenhoorn en de wand – weg en het is een doodgewone lama.

Die mooie metafoor van de verlossing zit ook in jouw fotografisch werk van de Drie Wijzen. Ik zie hier onderaan champignons. Wat doen die daar?

Toen ik in mijn hoofd meer klaarheid had gekregen over hoe de verbinding met de kippen en de kamelen zou moeten gebeuren, heb ik de volgende stap genomen. Ik wilde er een conceptueel verhaal en werk van maken.

AWAKENER/LIFEBANK, Lightbox (Steel frame, UV-Print on Polyester fabric, led lighting) 200 x 450 x 10 cm, 2015 Biennial of Venice (IT) © Koen Vanmechelen

Dit werk hier hebben we twee jaar geleden getoond op de Biënnale van Venetië. Het ontstond uit één van de projecten die we samen met Chido Govera ondersteunen. Zij begon in Zimbabwe een champignonkwekerij, samen met weeskinderen. Dat deed ze vanuit haar eigen geschiedenis. Ze is zelf namelijk een weeskind en vertrok van de gedachte: Als je je eigen voedselketen kunt opbouwen, kun je je leven bouwen. Dat vond ik zeer fascinerend, omdat dat eigenlijk wel klopt.

Met dit experiment willen we onderzoeken welke voedselverbetering we in gang kunnen zetten.

Toen ik zag hoe je champignons kunt kweken, dacht ik: misschien moeten we daar een cirkel in vinden. Champignons nemen heel veel eiwitten op en zijn in principe makkelijk kweekbaar. Ik ben toen met het MECC-project begonnen: Mushrooms, Eggs, Chicken and Camelids. Op de compost van dromedarissen, kamelen, lama’s of alpaca’s – die zijn allemaal van dezelfde familie – zaaien we de zwamvlok van de paddestoelen. We kweken dat mycelium op de moedermelk van lama’s of kamelen. Zo worden al die antistoffen meegetrokken in het zaad. De champignons en het afval voeren we opnieuw als voedsel aan de kippen. Met dit experiment willen we onderzoeken welke voedselverbetering we op die manier in gang kunnen zetten.

We trokken met ons project naar verschillende universiteiten en konden heel veel mensen inspireren. De nieuwste kennis over het geheel aan leven in de darm toont namelijk aan dat er veel meer stoffen transporteerbaar zijn doorheen het darmkanaal dan we ooit gedacht hadden. Onder andere de Universiteit van Gent onderzoekt nu of we op basis van de bevindingen van MECC een soort ecosysteem kunnen neerzetten in ontwikkelingslanden. We voegen daar dan bijvoorbeeld rijst aan toe. Dan krijg je een enorme cirkel waar het ene van het andere leeft. Dat is toch echt wel het verhaal dat we nodig hebben.

Hoe koppel je daar het verhaal van de Drie Wijzen aan?

Ik ben zeer fier op dit werk. We trokken naar Abu Dhabi om die ene foto in de woestijn te maken. Met de hele community bij ons thuis hebben we die champignons en onze dromedaris erbij geplaatst. Daarna kwam Chido die een kippenjas draagt, net als ik. Toen die foto uitkwam, begon ik die opnieuw te analyseren: ‘Wat heb ik nu eigenlijk gemaakt?’

Wie waren de Drie Wijzen? Drie mensen uit verschillende culturen die naar eenzelfde bron gingen om iets te zien wat de wereld zou kunnen veranderen.

Dan zie ik dat die twee dieren elkaar instinctief opmerken, maar die twee mensen niet. Toen dacht ik aan de Drie Wijzen. Zij reizen door de woestijn met goud, wierook en mirre. Die producten brengen ze naar een nieuw idee. Dat was op dat moment de geboorte van Christus. Wie waren de Drie Wijzen? Drie mensen uit verschillende culturen die naar eenzelfde bron gingen om iets te zien wat de wereld zou kunnen veranderen. Daar is een heel groot verhaal van gekomen. Misschien heeft elk verhaaltje wel de potentie om zo’n verhaal te zijn.

Het zijn maar twee wijzen, waar is dan de derde?

Ik bekeek die prent en ik dacht: hier gebeurt ook iets, hier is ook iets aan de hand. Die tegenstelling tussen mensen en dieren, tussen de vruchtbaarheid van die oase en het dorre van die woestijn. Altijd maar dat conflict. Toen ik dat uitlegde aan mensen, vroegen ze me altijd: ‘Ja, maar, het zijn maar twee wijzen, waar is dan de derde?’ Dan antwoordde ik: ‘Diegene die ernaar kijkt, dat is de derde wijze. Diegene die eraan voorbij stapt, die …’

… is niet wijs…

Wel, die is eraan voorbij gestapt. De boodschap is niet voor hem of haar bestemd.

En zo lopen we allemaal aan dingen voorbij.

Zo loop ik voorbij aan dingen die niet voor mij bestemd zijn of waarvoor ik vandaag niet de capaciteit heb om ze te zien.

Je bespreekt een religieus verhaal, je hebt het over grote verhalen. Hoe sta jij zelf tegenover religie?

Ik denk dat als er zulke verhalen verteld worden er altijd iets gebeurd is waar men niet aan uit kan: een onbewaakt moment waarvan de mens niet weet waarom zich dat manifesteert. Religie is zo’n moment.

Ik vind het spannend als je die oude verhalen vertaalt met ingrediënten van vandaag. Dan vind je ook nu nog verhalen die ons overstijgen. Dat kunnen zowel verhalen uit het christendom zijn als over bijvoorbeeld reïncarnatie. We keren altijd terug naar ons religieuze DNA. Dat manifesteert zich altijd opnieuw en vindt altijd een andere uitweg om leven mogelijk te maken.

Waarom heb je je geëngageerd tegen kinderarbeid?

We zijn vergeten dat als we vandaag op het knopje drukken van onze facebook of andere sociale media, ook iemand die in een kartonnen doos in de sloppenwijken van Mumbai leeft, kan meevolgen. Je moet al een enorm raar karakter hebben om dan niet te willen komen meedoen met dat grote feest hier. Maar als we dat merken, zeggen we plots: ‘Ja maar, dat was niet de bedoeling. De bedoeling was dat wij onder elkaar wat zouden chatten en applaus geven voor wat we doen, voor de nieuwe schoenen die we gekocht hebben en de champagne die we drinken en al dat soort dingen.’ We moeten beseffen dat ieder kind dat verwaarloosd wordt een potentieel gevaar is voor de totale maatschappij. Wanneer we dat niet op tafel durven leggen, zullen we de wereld verliezen.

We moeten beseffen dat ieder kind dat verwaarloosd wordt een potentieel gevaar is voor de totale maatschappij.

Daarom ben ik dus geëngageerd. Ik kan de wereld uiteraard niet redden. Dat is ook niet het statement dat ik wil maken. Maar ik denk wel dat we samen de wereld kunnen redden. Kan kunst de wereld redden? Nee, maar kunst kan wel de wereld redden in combinatie met alle andere factoren.

Van kunst wordt weleens gezegd dat het een manier is om de eindigheid te verwerken. Dat zie je in heel veel kunst. Hoe is dat voor jou?

Eindigheid is voor mij altijd wedergeboorte. Wedergeboorte leidt tot een nieuw hoofdstuk, totdat het hoofdstuk van de zichtbaarheid eindigt. Mijn werk van de Salvator-globe is ontstaan vanuit een diepe eindigheidservaring uit mijn jeugd.

Salvator Globe, stainless steel, gold leaves 215 x 320 x 160 cm, 2008. Hier tentoon gesteld in het Kasteel van Chimay (BE) in 2014 © Koen Vanmechelen

Wat is er gebeurd?

In 1975 is het seminarie in Sint-Truiden afgebrand. Mijn vader gaf daar op dat moment les. Er heerste toen een enorme spanning: wie is in de brand gebleven en wie niet? Er bestond geen gsm of email. Wij zaten thuis te wachten op mijn vader, ikzelf was nog niet op school geweest. Mijn moeder was in paniek: waar is hij? We hebben heel veel uren in spanning gezeten tot hij ’s middags eindelijk thuis is gekomen. Er waren geen slachtoffers, maar de enorme Sint-Trudo-kerk was wel ingestort. Bij iedereen die er toen bij was, staan die beelden op het netvlies gebrand.

De Salvator-globe die boven op de kerk stond, was in twee gespleten. Eén helft lag beneden in de kerk, de andere buiten. Ik zag op film hoe dat symbool naar beneden kwam. De verwoesting van dat moment is me altijd bijgebleven. Ik heb gedurende heel veel jaren angst ontwikkeld dat ons eigen huis zou afbranden en dat er slachtoffers zouden vallen. Dat bleef in mijn hoofd malen.

Een hele tijd later, toen ik al als kunstenaar aan het werk was, vroeg de stad Sint-Truiden mij om iets te ontwikkelen voor een tentoonstelling. Toen had ik weer die ervaring van eindigheid en heb ik dit werk ontwikkeld.

In een andere versie van de Salvator-globe heb je die bol omwikkeld met hanen. Waarom deed je dat?

Die enorme bol, de Salvator-globe, staat voor de wereld. Daar bovenop staat het kruis. Normaal staat op het kruis nog een haan. De haan kraait eigenlijk over de hele wereld, net zoals toen Petrus Jezus verloochende en Jezus vooraf voorspelde: ‘Na driemaal kraaien zul je mij verloochend hebben.’ Met andere woorden: die haan kende de toekomst. De haan is de bemiddelaar tussen de realiteit en de andere werkelijkheid.

Dat kruissymbool is gekanteld. Daardoor wordt het vrouwelijk teken zichtbaar. Zo krijg je weer een verbintenis van boven de wereld staan met in de wereld staan.

Toen dacht ik: mijn Salvator-globe die omwikkeld is met hanen vertelt eigenlijk iets anders.

Salvator Globe – C.C.P., 2005 Taxidermic chickens, steel, LABIOMISTA – studio Koen Vanmechelen, Genk (BE), 2017 © Koen Vanmechelen, Photo by Kris Vervaeke

Die zegt dat die haan, die voorheen te verheven was boven alles uit, terug op de wereld is gekomen. Die heeft zich door kruisingen en verbindingen op de wereld vastgezet. Tegelijkertijd is dat kruissymbool gekanteld. Daardoor wordt het vrouwelijk teken zichtbaar. Zo krijg je weer een verbintenis van boven de wereld staan met in de wereld staan. Daardoor wordt je eindigheid weer vruchtbaarheid en kunnen nieuwe dingen ontstaan.

Toon je hierin jouw opvatting over religie?

Als je kijkt naar religie zie je dat die in onze maatschappij aan een soort overheersingsprofiel bezig was. Het mannelijke stond bovenaan en vertelde hoe iets moest zijn, bijna dictatoriaal. Dat element vervalt hier en moet zich helemaal opnieuw inkruisen. Daardoor wordt de man-vrouw-relatie zichtbaar. Door de sterkte van die verbindingen tussen genders kunnen nieuwe werelden en nieuwe religies ontstaan.

Wat is eigenlijk het sterkste van het christendom? Dat je niet moét geloven, dat je het geloof kunt opgeven. Dan is er kans dat er een nieuwe geloofstoestand ontstaat, dat er opnieuw iets rijpt, omdat dat zich aanpast aan het tijdsbeeld. Daardoor komen er altijd nieuwe dingen bij in plaats van altijd maar vast te houden aan oude structuren.

Onze wereld verandert voortdurend en is voortdurend in beweging. Dit werk heeft voor mij een hele sterke emotionele waarde omdat ik als kind compleet in de war was: waar zou mijn wereld naartoe gaan? Die zat helemaal mee in de verwoesting van dat moment.

Enkele maanden geleden schreef je in het Belang van Limburg een column over Fiona, een jong meisje dat stierf aan aids. Dat was rond Pasen. Je vertelde toen dat je Pasen en verrijzenis als iets belangrijks zag. Hoe voel jij dat aan, leven en leven na de dood?

Dat is heel moeilijk. Fiona was een kind dat ik ondersteunde, ze maakte deel uit van een groep meisjes die in Zimbabwe leefden. Dat kind verliezen op een ogenblik dat haar leven nog moest beginnen, doet je nadenken over de eindigheid en waarom de eindigheid op die manier moet gebeuren.

De kracht om te leven leidt de dood in en de kracht van de dood leidt het leven in.

Voor mij is het tegelijk duidelijk dat leven en dood dezelfde energie in zich dragen. De kracht om te leven leidt de dood in en de kracht van de dood leidt het leven in. Het ene maakt plaats voor het andere. Er zit een zeer grote beweging en continuïteit in. Ik denk dat alles zin heeft en dat ieder leven zin heeft, ook als het afsterft. Dat probeer ik ook in heel moeilijke momenten vast te houden.

We zijn het aan elkaar verschuldigd om het leven te eren op het moment dat het eindigt, net omdat ons leven ontstaat uit elkaar.

Het is een hard moment als je moet afscheid nemen van iemand aan wie je ondersteuning geeft. Dat meisje zat nog zo in de fragiliteit van de jeugd. Ze was amper veertien en opgezadeld met een fysieke erfenis – besmetting met het hiv-virus van in de baarmoeder – waarvoor ze niet gekozen had. Waar ligt dan de zin? In die emotionele momenten probeer je de zin van dat leven op te lichten. Dat je dat doet, is waardevol omdat ieder leven recht heeft op eerbetoon voor al die jaren die je geleefd hebt. We zijn het aan elkaar verschuldigd om het leven te eren op het moment dat het eindigt, net omdat ons leven ontstaat uit elkaar. De dood is dan een soort wederopstanding van iets nieuws en iets anders.

Ervaar je dat verhaal van de verrijzenis uit het christendom als zo’n eerbetoon?

Ik denk dat wel. Daarin wordt ook beschreven dat vanaf het moment dat je je leven afgeeft, het andere leven ontstaat. De dood heeft de kans gegeven om anderen te doen leven. Dat zijn natuurlijk hele sterke filosofische gedachten. Die boeien mij omdat je op dat moment voorbij het verhaal op zich stapt.

Ik denk dat we nooit mogen blijven hangen bij het verhaal. Het gaat over iets veel groter, het gaat over de keten die in de mensheid zit waar het ene aan het andere zijn energie moet kunnen doorgeven.

Stel je je iets voor bij dat einde van het leven?

Nee, eerlijk gezegd niet, nee. Ik heb natuurlijk ook angst voor de eindigheid. Daarom wil ik waarschijnlijk geen beeld over de eindigheid scheppen. Omdat ik zo analytisch ben, zou ik misschien wel de eindigheid kunnen lezen in het kunstwerk dat ik gemaakt heb. Daardoor zou ik een enorme angst ontwikkelen omdat ik dan weet dat die eindigheid zich aan het inleiden is. Daarom ben ik niet klaar voor dat beeld.

Een zekere angst, mogelijk ook in je eigen werk, voor de eindigheid die eruit spreekt?

Ja, eerst en vooral ben ik ook maar een mens, en ten tweede, angst zit in elke mens. Die angst om te sterven doet je ook leven. Dat geeft je een andere vorm van energie om door te gaan. Het is duidelijk dat de kracht van sterven leven geeft en misschien de kracht van leven het sterven inleidt.

Waarover gaat dit werk?

Dit werk heet Energy, communication and life. We zijn altijd bereid om energie door te geven en om communicatie te laten lopen. Maar in hoeverre zijn we bereid om het leven met elkaar te delen?

Energy, Communication and Life – Lightbox © Koen Vanmechelen

Hier zie je de navelstreng die ik op hetzelfde niveau breng als beide voorgaande strengen, maar die klemmen we dus af. Die is helemaal verstrikt. Het is belangrijk dat we op een niveau komen dat we beseffen dat – als we die stromen laten doorgaan – de continuïteit van het leven verzekerd is. Ik denk dat deze kennis essentieel is om te kunnen leven en overleven.

Zonder afklemmen het leven doorgeven in al zijn kracht is een genezing op zich.

Ik hoop dat onze wereld er ooit toe komt om die navelstreng niet meer dicht te knijpen. Zonder afklemmen het leven doorgeven in al zijn kracht is een genezing op zich. Ik besef ook wel dat we niet altijd moeten blijven stilstaan bij dit soort momenten. Dan wordt het namelijk een heel moeilijk leven. Maar ik denk wel dat we in onze complexe wereld toch meer dat debat zouden moeten voeren.

Je zei daarnet dat je bang bent dat je van je eigen kunst bang zou worden. Is ook het omgekeerde waar? Geeft zo’n werk je ook levensvreugde?

Absoluut!

En energie?

Ja, ja! Tot nu toe geeft werken mij voortdurend energie. Ik laat energie vrijkomen en het werk laadt ook mijn eigen batterijen op. Dat is omdat ik verbinding maak met de maatschappij en ik het gevoel heb dat de maatschappij mij ook de energie geeft om verder te leven. Dat is het universele waarover ik sprak.

Vroeger had je de religies, maar die hebben we een beetje weggeworpen, misschien zoals het kind met het badwater. Zie jij kunst ook als een spirituele kracht?

Ja, we mogen die dimensie niet verliezen, omdat we als mens nu eenmaal zo in elkaar zitten. Voor dingen die we niet kunnen verklaren, zoeken we iets anders. Ik vind het een goede vooruitgang dat we losgebroken zijn uit al die dogmatische en opgelegde religieuze zaken die je zeggen wat kan en niet kan. We zoeken nu onze eigen spiritualiteit. Dat juich ik toe.

Dat betekent ook dat we daarin een enorme verantwoordelijkheid dragen. Want als je alleen zelf plots bepaalt wat wel en niet kan, weet ik niet of we een gezonde samenleving krijgen. Vandaar dat ik me heel sterk inzet voor mensenrechten en me heel recent verbonden heb met EIUC, de organisatie voor mensenrechten in de wereld. Die is gevestigd in Venetië. Ik heb hun symbool mogen ontwerpen.

Collective Memory, Marble, steel, 230 × 400 × 190 cm, Global Campus Human Rights, EIUC, Venice (IT), 2017 © Koen Vanmechelen, Photo by EIUC

Ook dat stond bijna in de sterren geschreven. Ik had namelijk al een beeld van een kind dat neerzit op de boeken van de mensenrechten. Ik geloof dat wij in die hele nieuwe spiritualiteit kennis moeten nemen van wat in de boeken van de mensenrechten staat. Wie weet wat daarin geschreven staat? Ik alvast niet.

In onze complexe wereld van vandaag is het meer dan ooit noodzakelijk dat wij iets universeels vinden waaraan alle mensen zich moeten houden in een samenleving.

Ik heb een opvoeding gehad waarvan ik denk dat daar mensenrechten in zaten. Maar ik heb nooit een opvoeding gehad waarin ik de teksten van de mensenrechten moest lezen. In onze complexe wereld van vandaag is het meer dan ooit noodzakelijk dat wij iets universeels vinden waaraan alle mensen zich moeten houden in een samenleving. Bijvoorbeeld dat je weet dat je moet stoppen voor een rood licht omdat het fataal kan aflopen als je gewoon rechtdoor rijdt. Niet zozeer voor jezelf, maar ook voor de anderen.

Als je jouw energie kunt overdragen aan anderen, krijg je zelf energie. Dat is dat verbindingsverhaal.

Ik denk dat de energie die je zelf hebt, altijd bestemd is voor de andere. Als je jouw energie kunt overdragen aan anderen, krijg je zelf energie. Dat is dat verbindingsverhaal. Elke energie die je gebruikt tegen jezelf is gevaarlijke energie omdat die leidt tot een soort ontploffing waar je heel moeilijk uit komt. Er is een hele sterke periode in je leven als kind waarin je heel veel energie nodig hebt voor jezelf. Meestal krijg je die van je ouders of van je omgeving. Daarna is het nodig dat je de energie die je hebt om te leven gebruikt voor de anderen. Dat is een soort wisselwerking.

Zou je die energie liefde of passie kunnen noemen?

Ja, dat is liefde én passie. Dat loopt gelijk op. Passie is een begrip dat verwijst naar controle die wegvalt. Passie is meer de creatie en liefde is meer de onderbouw, zo zie ik dat. Om kunst te creëren heb je passie nodig.

Interview: Johan Van der Vloet
Coverfoto © Koen Vanmechelen

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here